Educatie Melkveehouderij

Educatie

Er zijn ongeveer 45.000 bedrijven met melkvee in Nederland. De Nederlandse melkveehouderij bestaat uit gespecialiseerde bedrijven.

Geschiedenis
Op de wand van een grot bij Lascaux in Frankrijk is een oeros afgebeeld. Het is een schildering van drie meter lengte. Dat is de oudste afbeelding van de oeros. (Eigenlijk is de naam verkeerd, want een os is een stier die ‘gesneden’ is. Zijn teelballen zijn weggenomen.) De onbekende schilder maakte zijn portret tegen het einde van de laatste ijstijd, ongeveer tienduizend jaar geleden. De mensen in die tijd waren jagers en verzamelaars. Ze leefden van planten, vruchten en wortels, en van dieren die ze vingen.

De eerste boeren in Nederland woonden 4500 jaar voor Christus in Zuid-Limburg. Ze waren waarschijnlijk uit het Midden-Oosten afkomstig. Ze deden aan akkerbouw, maar ze hadden ook schapen, geiten, varkens en runderen. Hun boerderijen waren dus gemengde bedrijven: van alles wat.

De koe
De koe is een herkauwer. Dat wil zeggen: hij graast snel, bijna zonder te kauwen en vult één van zijn vier magen, de pens. Later zoekt het dier een rustig plekje om te herkauwen. Een rund graast vier tot negen uur per dag en heeft evenveel tijd nodig om te herkauwen. Want gras is moeilijk te verteren. Een Nederlandse koe eet als ze ‘s zomers in de wei loopt een kilo of zestig gras per dag. Vers, sappig gras vindt ze lekker. Melkkoeien eten niet alleen gras. Vaak krijgen ze ook maïs. En in elk geval brokken krachtvoer. Dat bevat veel voedingsstoffen die een melkgevende koe nodig heeft om in goede conditie te blijven. Dit voer wordt in een fabriek gemaakt van producten die overblijven bij het fabriceren van voedingsmiddelen voor mensen.

Koeien blijven in de zomermaanden dag en nacht in het weiland. De wintermaanden brengen ze door in de stal. Aan de stal is een ruimte gebouwd waarin de koeien worden gemolken. Dat gebeurt tweemaal per dag. Daarbij wordt een melkmachine gebruikt, waarmee een aantal koeien tegelijk kan worden gemolken. De melk gaat door leidingen naar een koeltank in weer een andere ruimte. Een paar keer per week komt een tankauto van de zuivelfabriek de melk ophalen. Door de melkmachine kan één persoon veel koeien melken. Een van de dingen die hij doet, is het aansluiten van de machine aan de spenen van de koe. Er zijn al bedrijven waar ook dat niet meer nodig is. Dan heeft de boer een melkrobot. De koeien hebben geleerd dat apparaat binnen te stappen. De robot zoekt met sensors de spenen van de koe en sluit de melkmachine aan. Op deze bedrijven worden de koeien zo vaak als ze naar de robot komen, gemolken.

Melk
Melk bevat veel waardevolle stoffen zoals eiwitten (die ook wel de bouwstoffen van ons lichaam worden genoemd). Verder zitten er vetten en vitamines in. En niet te vergeten kalk die we nodig hebben voor de opbouw van onze botten. De melk van de rundveebedrijven wordt voornamelijk verwerkt in de fabrieken van twee grote coöperatieve organisaties. Die maken er consumptiemelk van met verschillende vetgehaltes. Deze melk wordt gepasteuriseerd. Door verhitting worden bacteriën in de melk gedood. Ook veel andere melkproducten worden gemaakt. Een heleboel verschillende toetjes bijvoorbeeld. Andere belangrijke producten zijn boter, melkpoeder en vooral kaas. Veel van de producten van de Nederlandse zuivelindustrie worden geëxporteerd.

Het boerenwerk
De melkveehouder heeft het jaar rond zijn handen vol aan het verzorgen en gezond houden van zijn dieren, aan het werk op het grasland om voedsel voor de winter te produceren, aan het zeven dagen per week twee keer per dag melken en aan het zorgen voor melk van uitstekende kwaliteit. De zorg voor de gezondheid van de dieren vraagt veel oplettendheid van de boer. Veel melkveehouders doen aan weidevogelbeheer. Ze beschermen de vogels die op hun grasland nestelen en proberen de omstandigheden op hun land zo aantrekkelijk mogelijk te houden voor deze vogels. Ook zorgen veehouders voor het onderhoud van stukjes natuur op hun bedrijf en vaak krijgen ze het voor elkaar dat op de slootkanten allerlei plantjes gaan bloeien. Bij het bemesten van het land moeten dan de slootkanten worden overgeslagen.